50 jaar gezinsvervangend tehuis De Dreef

Vrijdag 15 maart 1968 was het eindelijk zover: het eerste gezinsvervangende tehuis in Noord-Holland boven het IJ werd geopend. Het heette De Dreef en stond in Heerhugowaard aan de gelijknamige straat. De Dreef werd een succes. In maart dit jaar werd het vijftigjarig jubileum gevierd.

De oprichting van De Dreef in 1968 hield verband met de grotere aandacht die er in de jaren zestig kwam voor mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking. Een uiting daarvan was bijvoorbeeld de grote inzamelingsactie 'Open het dorp' in 1962. 

Mensen met een verstandelijke beperking woonden in de jaren vijftig meestal thuis bij hun ouders. Als deze overleden, was er vaak geen goede opvang. Bij ouderverenigingen van kinderen met een beperking kwam daarom in de jaren zestig de wens naar voren om kleine gezinsvervangende tehuizen te stichten, waar verstandelijk beperkte personen in een soort vervangend gezinsverband konden wonen. In hun streven werden ze geholpen door sociaal-pedagogische diensten. Midden jaren zestig werd er in Alkmaar en omgeving voor het eerst gesproken over de stichting van een dergelijk tehuis. Gepoogd werd om de katholieke en protestantse organisaties op één lijn te krijgen en samen een tehuis te stichten, maar dat was toen nog een brug te ver. Beide groeperingen gingen los van elkaar verder met hun plannen.

20180410162152 00002 bij de opening 1968  afb 1 20180403171446 00003 dreef 1967  afb 2 20180403171446 00003 dreef 1967 zijkant

De rooms-katholieke organisaties slaagden er als eerste in een tehuis te stichten. Dat was toeval. In Heerhugowaard stond aan de Dreef een voormalig zusterhuis van de Franciscanessen, later gebruikt als vormingscentrum, leeg. Met wat lichte ingrepen kon het geschikt gemaakt worden als gezinsvervangend tehuis. Personeel was geen probleem. Daarvoor kon men in die tijd nog een beroep doen op kloosterzusters. Zuinigheid was geboden, want er bestond nog niet zoiets als de AWBZ, waar later een beroep op gedaan kon worden voor subsidie.

20180410162152 00001 bij opening gebouw in 1968  20180410162152 00001 openingsplechtigheid 1968  afb 3 20180403171446 00007 speech jan blankendaal

Directrice van de nieuwe instelling werd zuster Ancilla van het klooster van de Ursulinen in Bergen. Zij heette van zichzelf Ida Johanna Gerarda Maria van der Sandt en werd geboren in 1914. Op achttienjarige leeftijd was ze ingetreden bij de Ursulinen in Bergen. Haar kloosternaam was zuster Ancilla, Latijn voor dienares. Ze had 27 jaar ervaring in de zorg voor verstandelijk beperkten. Later was zij directrice van het MULO-internaat van de Ursulinen in Bergen. Burgemeester H.J. de Nijs van Ursem, later Uitgeest, jarenlang bestuursvoorzitter van R.K. Stichting Gezinsvervangende Tehuizen Noord-Hollands Noorden, die onder meer De Dreef exploiteerde, zei later over de redenen van haar benoeming: 'ze was ad rem, had ervaring en maakte een koddige indruk'. Zuster Ancilla was de juiste vrouw op de juiste plaats. Ze was een echte mensenvriend, met een groot hart, veel invoelingsvermogen en ook humor. Buiten haar bestond het personeel uit nog een andere kloosterzuster van de Ursulinen, Emilia van Leeuwen en de uit Heerhugowaard afkomstige lekenzuster Marjan A. Deken, die tot adjunct was benoemd. Het was hard werken om het gebouw geschikt te maken. De zusters sliepen de eerste tijd op strozakken in hun kantoor en leefden uitermate sober; zo dronken ze thee in plaats van dure koffie. Toch konden ze al op 1 oktober 1967 de eerste vijf bewoners welkom heten.

afb 4 20180403171446 00005 ancilla 1968 portegies emilia marjan detail  afb 5 20180403171446 00008 emilia bij sint ancilla en m deken als piet  afb 6 20180403171446 00011 afscheid M. Deken 1968

In maart 1968 ging de instelling officieel van start. Het aantal bewoners was toen al toegenomen tot 18, in leeftijd variërend van 20 tot 60. Er was een maximum gesteld van 20 bewoners. Zuster Ancilla werd bij de opening geïnterviewd. Over de filosofie achter het gezinsvervangend tehuis zei ze het volgende: ''Wij trachten het zoveel mogelijk gelijk te brengen aan een gewoon gezin. De mensen zijn overdag aan het werk en in de avonduren en weekenden vermaken wij ons op dezelfde wijze als in duizenden huisgezinnen. Er wordt t.v. gekeken en anderen leggen een kaartje of iets dergelijks.'

afb 7 20180403171446 00012 voetballers 1972 eddie nico jaap ria zuurbier henk  afb 8 20180410162152 00007 muziek maken  afb 9 20180403171446 00016 carneval 1968 kees woestenburg en emilia

In 1972 werd De Dreef verbouwd. Er kwam een vleugel bij. Alle bewoners hadden nu een eigen kamer en er was voldoende ruimte voor gemeenschappelijke activiteiten.
Een bewaard gebleven fotoalbum van zuster Ancilla laat zien hoe er geleefd werd in De Dreef in de jaren zestig en zeventig. Het woon- en leefplezier is overduidelijk. We zien foto's van de personeelsleden en van de bewoners tijdens allerlei verjaardagsfeesten, Sinterklaasvieringen - met Ancilla in de rol van Sinterklaas - en uitstapjes. De bewoners hadden zoveel mogelijk een normaal leven. Overdag waren ze werkzaam in sociale werkplaatsen in Alkmaar en Hoorn, bij gemeentelijke plantsoenendiensten, waaronder die van Heerhugowaard, of bij particuliere bedrijven. ‘s Avonds en in het weekend hadden ze in De Dreef een liefdevol gezinsvervangend huis.

20180403171446 00013 voetbal 2 1972  20180403171446 00014 foto 40 jaar professiefeest 1974 ancilla  20180410162152 00003 personeel 1975

De Dreef was een succes. Onder leiding van bestuursvoorzitter De Nijs werden later soortgelijke tehuizen gesticht in Hoogkarspel, De Goorn en Hoorn. Inmiddels waren door andere organisaties ook dergelijke tehuizen gesticht, zoals De Wittenburg in Bergen.
In 1979 ging zuster Ancilla met pensioen. De Dreef ontwikkelde zich verder. In 1994 werd een nieuw onderkomen gebouwd aan het Lindeboomplein. Bij de opening bleek het eigenlijk alweer verouderd, want er werd steeds meer nadruk gelegd op zelfstandig individueel wonen, met ambulante ondersteuning. Het complex aan het Lindeboomplein bestaat nu uit 20 volwaardige appartementen. Ook organisatorisch is er veel veranderd. Het katholieke karakter verdween en De Dreef maakt inmiddels deel uit van de veel grotere Stichting Esdégé-Reigersdaal. Wat bleef is de zorg voor de kwetsbare medemens. Zuster Ancilla heeft het allemaal nog - zij het op afstand - meegemaakt. Zij overleed in 2016 in Bergen, na jarenlang in een Haarlems hofje te hebben gewoond, waar ze door haar medebewoonsters 'een engel' werd genoemd.

afb 10 20180403171446 00001 nieuwbouw 1994

Door Harry de Raad
Met dank aan zuster Ancilla

test