Inloggen

Sluiten

Voor het voetlicht

Zo nu en dan geven we een boek speciale aandacht: waarom is dit boek bijzonder, en waarom bevindt het zich in onze bibliotheek?


2016, het Jaar van de Bibliotheek: een terugblik

k18 omslagdetail k18 fotodetail

2016 was het Jaar van het Boek, en wat ons betreft was het ook een prima Jaar van de Bibliotheek. We hebben het afgelopen jaar weer mooie en interessante boeken aan de collectie kunnen toevoegen. We lichten er een paar uit, slechts een kleine greep uit al het moois. Een overzicht van de aanwinsten van 2016 staat op onze website

In de bibliotheek is, natuurlijk, alles te vinden wat er geschreven is over ons gebied. Maar ook informatie over algemene onderwerpen die van pas komen bij historisch en genealogisch onderzoek is ruim aanwezig. Sommige boeken zou je misschien niet direct verwachten in deze bibliotheek. Vaak hebben die te maken met collecties die in het verleden om allerlei redenen bij het Regionaal Archief zijn terechtgekomen, door overbrenging vanuit archieven of musea of door schenkingen van particulieren en instellingen. Boeken die onderdeel zijn van ons regionaal cultureel erfgoed, en daarom in aanmerking komen om voor de toekomst bewaard te worden.


De Alkmaarse Librije

Omslag van: Historische stadsbibliotheken in Nederland

Een voorbeeld van zo’n collectie is de Alkmaarse Librije, zo’n 300 boeken, voor het grootste deel gedrukt in de zestiende eeuw en meestal in het Latijn. Ooit stonden de boeken, waaronder vele grote folianten, in de Grote Kerk in Alkmaar, later zijn ze in het Gemeentearchief, nu het Regionaal Archief, ondergebracht. Vanwege deze Librije zijn boekdrukkunst en bibliotheekgeschiedenis belangrijke onderwerpen in onze collectie.

De Alkmaarse Librije wordt al enige jaren bestudeerd door boekhistorici van de Universiteit van Amsterdam. In het boek Historische stadsbibliotheken in Nederland (Zutphen, Walburg Pers, 2016) worden librijes van een groot aantal Nederlandse steden beschreven. Het boek geeft een mooi beeld van de tijd waarin deze librijes ontstonden, en van de overeenkomsten en verschillen tussen de verschillende steden. Over de geschiedenis en de samenstelling van de Alkmaarse Librije schreven Paul Dijstelberge en Kuniko Forrer een hoofdstuk met veel wetenswaardigheden over het ontstaan van deze collectie, over de boeken en het gebruik door de eeuwen heen. Duidelijk is dat de samenstelling van collecties als deze voor een deel door het toeval is bepaald. Zo is in de Alkmaarse Librije de rubriek ‘medische werken’ goed vertegenwoordigd dankzij de Alkmaarse arts Pieter van Foreest die een aantal medische werken schonk.

 

Almanakken

almanak 1885titelpagina almanak 1885achterkant almanak 1892 achterkant

Almanakken vormen een andere bijzondere collectie in de bibliotheek. Het zijn de kleinste boekjes die in onze bibliotheek te vinden zijn, hooguit een centimeter of tien. Een almanak is een boekje dat één keer per jaar verschijnt. Het bevat een aantal vaste rubrieken zoals een jaarkalender met heiligendagen en markten, zon- en maanstanden, dienstregelingen van trekschuiten en beurtschepen, weersvoorspellingen, kroniekjes, verhalen en gedichtjes. De bekendste is de Enkhuizer Almanak, die nog steeds verschijnt. De bibliotheek van het Regionaal Archief bezit een van de oudste bewaard gebleven exemplaren, de almanak voor het jaar 1701. 

Ook in Alkmaar zijn in de achttiende en negentiende eeuw zulke almanakken uitgegeven. We hebben er verschillende in de collectie uit de periode 1739-1918 van Alkmaarse drukkers als Jan van Beyeren, Jacob Maagh en Hermanus Coster. Helaas is de serie lang niet compleet. Maar onlangs schonk een bezoeker ons twee edities die ontbraken, uit 1885 en 1892. De inhoud wijkt niet af van andere almanakken en is ook niet specifiek Alkmaars. Bijzonder is dat op de perkamenten omslagen van de almanakken portretten zijn afgebeeld. Op het almanakje uit 1885 zien we nog heel vaag een afbeelding van koning Willem III te paard. Willem III was koning van 1849 tot 1890. Hetzelfde plaatje komt trouwens ook voor op almanakken uit de jaren daarvoor; kennelijk was de beeltenis geschikt voor meer Willems! Op het almanakje uit 1892 staat een portretje van koningin Wilhelmina als jong meisje met loshangend haar. Zij was pas tien jaar oud toen haar vader in 1890 overleed. We hebben één andere almanak met een portret van Wilhelmina op de omslag: op de editie uit 1912 staat zij als jonge vrouw afgebeeld.

 

Liederen over de Dubbele Moord te Schagen

dubbelemoord hoorn houdijk dubbelemoord alkmaar zwaan dubbelemoord lied

 

Een beroemde - beruchte - gebeurtenis uit de lokale geschiedenis is ‘de dubbele moord te Schagen’. Prominent aanwezig in onze tentoonstelling ‘Collectie op de kaart’ bij de entree van het Archief en een vast onderdeel van de rondleidingen. Op 11 augustus 1894 bracht de jonge Klaas Boes twee vrouwen om het leven toen hij ’s nachts in hun huis in Schagen inbrak, op zoek naar geld en sieraden. Over deze vreselijke gebeurtenis werden diverse liederen geschreven die gezongen konden worden op markten en kermissen, op de melodie van liedjes die blijkbaar bij iedereen bekend waren, zoals Op ’t somb’re kerkhof en Kolijn, een brave boerenzoon. Wie in de Nederlandse Liederenbank van het Meertens Instituut deze titels opzoekt komt verschillende varianten tegen. Wij hadden in de bibliotheek en in het archief geen enkel origineel lied over de moord, dus de schenking van deze drie drukwerkjes, waarvan één gedrukt door Zwaan & Zoon te Alkmaar, vormt een prachtige aanvulling.

 

Statenbijbel

Statenbijbel Ravensteyn, 1660

Theologie is vanouds een belangrijk onderwerp in de collectie. Naast de Alkmaarse Librije, die veel theologische werken bevat, bewaart het Regionaal Archief ook drie zogenaamde pastoorsbibliotheken, uit Akersloot, Heiloo en Limmen. Deze collecties bevatten bijzondere oude drukken op theologisch gebied en Bijbels in alle soorten en maten. Over de pastoorsbibliotheek van Limmen schreef Judith Eilander haar masterscriptie Een aanzienlijke bibliotheek van een vrij nette statie (2013). Ook de Protestantse Gemeente Alkmaar schonk ons enkele Bijbels. Al sinds 1995 is het pronkstuk, de grote Kanselbijbel uit 1663 met prachtig ingekleurde kaarten, bij ons ondergebracht. Onlangs ontvingen we nog enkele Bijbels, waaronder een indrukwekkende, geheel gerestaureerde Statenvertaling van de Amsterdamse drukkersfamilie Van Ravesteyn. Apart aan deze groot formaat Bijbel is de samenstelling: het Oude Testament is in 1664 gedrukt, de Apocriefe Boeken en het Nieuwe Testament zijn van een oudere editie uit 1660. De Bijbel heeft ooit gediend als Kanselbijbel. De beschadigde bladzijden in het midden van de Bijbel, waar die open heeft gelegen op de kansel, zijn gerestaureerd maar nog goed te zien. 

 

Drukker-uitgever Eric van der Wal uit Bergen

Omslag: Waar de lijster floot - copyright Eric van der Wal Titelpagina: Waar de lijster floot - copyright Eric van der Wal

Uit Bergen is een bijzondere collectie drukwerk afkomstig. Drukker-uitgever Eric van der Wal schenkt ons regelmatig een exemplaar van zijn uitgaven. Met de hand gezet en in een kleine oplage in eigen huis gedrukt, zijn het altijd zeer verzorgde collector’s items. Elk jaar maakt hij een Nieuwjaarswens, een boekje van klein formaat; de kleinste is drie centimeter. De boekjes bestaan meestal uit zestien bladzijden, op verschillende manieren gevouwen. De Nieuwjaarswens voor 2016 meet acht bij vijf en een halve centimeter. Op de bladzijden staan de woorden ‘twee nul zes een’, drie van deze getallen in zwart en steeds een ander getal in rood. 

Ook vervaardigde hij in 2016 het prachtige boekje Waar de lijster floot met de herinneringen van zijn vader Theo van der Wal aan zijn arrestatie en gevangenschap in het Huis van Bewaring in Amsterdam in 1943. Aan het slot van het boekje is de novelle De lijster opgenomen, over de vogel die de gevangene in zijn cel hoorde fluiten, een symbool van de vrijheid. De ‘mombakkes’ op de titelpagina is een zelfportret van de schrijver (copyright afbeeldingen: Eric van der Wal, Bergen).

Nieuwjaarswens 2016 - copyright Eric van der Wal

 

Met de K18 van Den Helder naar Soerabaja 

Omslag: 20000 mijlen over zee 20000mijlenbladzijden2

Op 14 november 1934 vertrok de onderzeeboot Hr. Ms. K XVIII uit de haven van Den Helder voor een reis naar Soerabaja die acht maanden zou duren. De K18 maakte een flinke omweg langs havens van Zuid-Amerika en Australië. Doel van de reis was onder andere het verrichten van wetenschappelijk onderzoek, zoals het uitvoeren van zwaartekrachtmetingen. Aan boord maakte amateurfilmer M.S. Wytema filmopnamen. Hij had de Filmfabriek Polygoon enthousiast gemaakt voor het idee een bioscoopfilm te produceren over deze gedenkwaardige reis. En zo geschiedde. De K18 werd “met eenige honderden kilo’s aan toestellen, films en lampen verzwaard”, allemaal apparatuur geleverd door Polygoon. Bij de film, die in 1935 uitkwam en maandenlang volle zalen trok, verscheen ook een brochure: 20.000 mijlen over zee, het groote nationale filmwerk van Polygoon. Dit boekje, ons geschonken door een bezoeker, bevat foto’s en een korte beschrijving van de film. De film is integraal te zien op de website van de VPRO. Boeiend is een scene waarin de K18 het eiland Tristan da Cunha in de Atlantische Oceaan aandoet. Het zijn de oudste filmopnamen van dit eiland. De bevolking, waaronder een kleindochter van de Nederlandse visser Pieter Groen die in 1865 gouverneur van het eiland werd, wordt verblijd met de post en een lading blikken bruine bonen, erwtensoep, boerenkool en hutspot. Na de reis verschenen verschillende uitgebreide gedenkboeken waarvan er ook enkele in onze collectie aanwezig zijn.

Foto uit: 20.000 mijlen over zee
 

 

Het Bio Vacantieoord in Bergen aan Zee

Omslag van: Waar de zeewind waait / Gonny van Dieren. - 1950 - Copyright: Uitgeverij Kluitman, Alkmaar Omslag van: Waar de zeewind waait / Gonny van Dieren. - 3e druk, 1955. - Copyright: Uitgeverij Kluitman, Alkmaar

De collectie kinderboeken van de Alkmaarse uitgeverij Kluitman is een bekend en aansprekend onderdeel van de bibliotheek. In de afgelopen jaren bijeenvergaard door schenkingen van bezoekers, heel af en toe gekocht voor soms niet meer dan een gulden of euro. Dat daar nog steeds verrassingen tussen zitten bewijst Waar de zeewind waait van Gonny van Dieren, een pseudoniem van Ivo F.J. Groothedde (jongensboeken schreef hij onder zijn eigen naam!).

Een paar jaar geleden schonk de Koninklijke Bibliotheek ons een groot aantal Kluitman-uitgaven, die we nu aan de collectie toevoegen, af en toe een stapeltje. Daarbij waren twee herdrukken van deze titel uit 1955 en 1962, de eerste druk uit 1950 was al in de collectie aanwezig. Bij het beschrijven van de verschillende edities viel opeens de afbeelding op de omslag op, getekend door Henk Giesen. Leek dat gebouw op de duinen niet erg op de villa op het Russenduin in Bergen aan Zee? Inderdaad speelt het verhaal zich af rond een niet met name genoemd koloniehuis waar kinderen een paar weken verblijven om aan te sterken. Het voormalige Bio Vacantieoord en het duingebied daar omheen heeft duidelijk model gestaan voor het verhaal. Er zijn meer boeken van Kluitman die zich in onze omgeving afspelen. Bekend zijn Jaepie-Jaepie van C. Joh. Kieviet en De koning der menschenredders (Dorus Rijkers) van Tjeerd Adema. Daar kunnen we nu Waar de zeewind waait aan toevoegen (copyright afbeeldingen: Uitgeverij Kluitman, Alkmaar).

 

waardezeewindwaait 1950 detail Foto: Russenduin

Artikel geplaatst januari 2017

 


 

 Detail omslag van Henri Pieck: Badreisje van Cor Slung, 8e druk 1931

'In de Vacantie'.
Spannende avonturen in Egmond aan Zee

De zomervakantie is voorbij. Voor de kinderen is het nieuwe schooljaar weer aangebroken. Aan de weken van spelen, zwemmen en eindeloze dagen aan het strand is een eind gekomen. Maar niet alle dagen waren zonnig, en wat doe je dan op een regenachtige dag, behalve spelletjes spelen op de iPad? Juist, een boek lezen!

Dat deden de kinderen een eeuw geleden ook. De Alkmaarse uitgeverij Kluitman gaf speciaal daarvoor een serie kinderboeken uit onder de titel: In de Vacantie. Bibliotheek voor Jongens en Meisjes. Met daarbinnen weer twee onderdelen: Serie A, Jongensboeken en Serie B, Meisjesboeken. Spannende verhalen, mooi uitgegeven, met plaatjes van bekende illustratoren en met kleurrijke omslagen, heel aantrekkelijk voor de kinderen uit die tijd.

Omslag: Het badreisje van Cor Slung, 5e druk1919 Omslag: Jaepie-Jaepie, 5e druk 1919
5e druk, 1919. Omslagen Louis Raemaekers

Aan de hand van twee boeken kunnen we een mooi beeld geven van deze serie. Ze zijn geschreven door C. Joh. Kieviet (1858-1931), de kinderboekenschrijver die vooral beroemd is geworden door zijn boeken over Dik Trom. Daarnaast schreef hij nog zo’n vijftig boeken, waaronder twee die zich afspelen in Egmond aan Zee. Het eerste boek heet Het badreisje van Cor Slung. Hierin brengt Cor(nelia) Slung, een meisje uit Gelderland, de zomervakantie door in Egmond aan Zee. Samen met andere kinderen beleeft ze allerlei avonturen. De eerste druk verscheen in 1895. Twee jaar later schreef Kieviet een vervolg met de titel Jaepie-Jaepie. De kinderen uit het eerste boek zijn weer in Egmond aan Zee met vakantie en maken nu kennis met Jacob Glas, alias Jaepie-Jaepie, de bekende redder uit Egmond aan Zee. Van 1860 t/m 1904 was hij in dienst bij de Noord- en Zuid-Hollandsche Redding Maatschappij. Hij vertelt de kinderen in Egmonds dialect over zijn belevenissen als bootsman van de reddingboot. In dit boek is er vooral aandacht voor de gevaren van de zee. Er wordt verhaald hoe twee jongens verdrinken bij het zwemmen, een dramatische gebeurtenis die ook nu nog indruk maakt. Ook vaart de reddingboot uit om een schip in nood bij te staan. C. Joh. Kieviet logeerde zelf regelmatig in Egmond aan Zee en hij kende Jacob Glas persoonlijk. In het tijdschrift Geestgronden (2002, nummer 4) beschrijft Albert van der Zeijden uitgebreid de boeken en de band die Kieviet had met Egmond aan Zee.

Van beide boeken verschenen in de periode 1895-1931 acht drukken. In onze Kluitmancollectie zijn alle acht drukken van beide titels aanwezig. Elke druk ziet er weer anders uit, met een andere omslag. Sommige drukken verschenen zelfs in meerdere uitvoeringen, met verschillende omslagen. Al deze boeken naast elkaar geven een mooi beeld van de veranderingen in de tijd. Veranderingen in illustratietechnieken, maar ook in bijvoorbeeld de kleding van de kinderen. Ook valt op, als we al deze omslagen bekijken, dat ze eigenlijk niets met het verhaal te maken hebben.

Omslag: Badreisje van Cor Slung, 7e druk 1926 Omslag: Jaepie Jaepie, 7e druk 1926.
7e druk, 1926. Omslagen Pol Dom.

Bij Jaepie-Jaepie zien we veel lezende jongens. Op de bank naast het jongetje op de tweede druk ligt zelfs Dik Trom! Verder zien we jongens met een hockeystick (zesde druk, getekend door D.A. Buéno de Mesquita), een grasmaaiende jongen (zevende druk, door Pol Dom) en een paar padvinders (zevende druk, D.A. Buéno de Mesquita). Die komen in het boek echt niet voor!

Omslag: Jaepie-Jaepie, 2e druk, 1905. Serie: In de vacantie
2e druk, 1905. Omslag Jan Bleys  

Ook op de meisjesboeken zien we lezende en sportende meisjes. En dat is ook de verklaring: vanaf de tweede druk in 1905 verschenen de boeken in de zojuist opgerichte serie In de Vacantie. Het badreisjes van Cor Slung als deel 2 in de serie Meisjesboeken, en Jaepie-Jaepie als deel 2 van de Jongensboeken. Ze kregen ook de omslagen die bij die serie hoorden: met vooral lezende kinderen. Daarnaast fietsende en tennissende meisjes, de jongens voetballen, vissen, roeien of spelen hockey. Allemaal typische vakantiebezigheden. De omslagen werden ook voor andere titels in deze serie gebruikt. Zo sieren de hockeyspelende jongens ook het omslag van de vierde druk van Het beleg van Alkmaar van P. Visser (1921).

Omslag: Jaepie-Jaepie, 6e druk 1923 Omslag: Het beleg van Alkmaar, 4e druk, 1921
Jaepie-Jaepie, 6e druk, 1923 en Het beleg van Alkmaar, 4e druk, 1921. Omslag D.A. Buéno de Mesquita

Op de eerste druk van beide boeken uit 1895 en 1897, toen de serie In de Vacantie nog niet bestond, zien we nog wel een afbeelding van het strand en de zee.

Omslag: Het badreisje van Cor Slung, 1e druk 1895. Omslag: Jaepie-Jaepie, 1e druk 1897
1e druk, 1895 en 1897. Illustrator onbekend

Pas bij de laatste druk uit 1931 werd er door Henri Pieck voor beide boeken weer een omslag getekend die het verhaal illustreert. Op Het Badreisje van Cor Slung zien we de bomschuit De Zeenimf in de woeste golven, precies zoals in het verhaal wordt verteld. Op de omslag van Jaepie-Jaepie een prachtig portret van Jacob Glas met op de achtergrond de reddingboot van de N.Z.H.R.M.

Omslag: Het badreisje van Cor Slung, 8e druk 1931 Omslag: Jaepie-Jaepie, 8e druk 1931
8e druk, 1931. Omslagen Henri Pieck

De eerste druk van beide boeken bevat kleurenplaten van een ons onbekende illustrator. Jaepie-Jaepie bevat daarnaast een foto van Jacob Glas. De illustraties in de tweede druk (1905) zijn getekend door Arie C Rünckel (1876-1956), er werd een nieuwe foto van Jacob geplaatst. Deze plaatjes bleven ongewijzigd in alle volgende drukken. Wel werd de tekst in de loop van de jaren hier en daar aangepast. Soms is er wat gemoderniseerd: “De zon neigde reeds ten ondergang” uit de eerste druk van Het badreisje werd in de achtste druk “De zon zou weldra ondergaan”. Soms werden hele passages geschrapt. Een uitgebreide beschrijving van het strandleven uit de eerste druk van Jaepie-Jaepie (“Er heerschte een prettige, aangename levendigheid. De ouderen hadden in de groote strandstoelen plaatsgenomen of wandelden langs de zee heen en weer. Anderen trachtten met behulp van verrekijkers de nationaliteit der schepen te onderkennen, die zich aan den gezichtseinder vertoonden. De badkoetsjes hadden het druk, want menigeen wilde zich in het frissche zeewater verkoelen”) sneuvelde in latere drukken.

Foto van Jacob Glas in Jaepie-Jaepie, 1e druk (1897) Foto van Jacob Glas in Jaepie-Jaepie, 2e druk (1905)
Foto's in Jaepie-Jaepie, 1e druk (1897) en 2e druk (1905)

Beide boeken werden steeds in een oplage van 3000 exemplaren herdrukt. Elk jaar werd er van die oplage een gedeelte ingebonden, van een nieuwe omslag voorzien en verkocht, net zolang tot de oplage op was. En dan werd er weer een nieuwe druk uitgebracht, de laatste in 1931, het jaar waarin de schrijver Kieviet overleed. Waarom werden ze niet verder herdrukt? Van Kieviets boeken over Dik Trom zijn vanaf de eerste druk in 1891 ontelbare herdrukken verschenen, de laatste nog in 2011. Er zijn zelfs nieuwe delen aan toegevoegd, geschreven door de achterkleinzoon van Kieviet. 

Cor Slung, haar vrienden en Jaepie-Jaepie hebben het niet zover gebracht. Toch jammer. Voor kinderen van nu zijn de verhalen misschien gedateerd, maar ze geven nog steeds een goed beeld van het Egmond aan Zee rond 1900, het beginnende badtoerisme, het strandleven, de vissers, de redders en de gevaren van “de levende zee” zoals Jaepie-Jaepie het omschreef.

Copyright afbeeldingen: Uitgeverij Kluitman


Artikel geplaatst: augustus 2016


  


Een Alkmaarse drukker en een dominee uit Twisk

Heel af en toe doet de kans zich voor om een boek aan onze collectie oude Alkmaarse drukken toe te voegen. Daarbij gaat het niet altijd om de inhoud van het boek maar is het juist de drukker die het interessant maakt. Zoals het boek dat we onlangs verwierven: een zeldzame uitgave uit 1728 van de Alkmaarse drukker Nicolaas Mol. Het is een prekenbundel van de predikant Cornelius Walingius getiteld Keur van Bybel-stof zoo des Ouden als Nieuwen Testaments, in XXXV predicatien verklaert en nader toegepast.

Titelpagina: Keur van Bybel-stof ... / Cornelius WalingiusWalingius werd in 1678 geboren in Twisk. Hij woonde in zijn jeugd een paar jaar in Alkmaar waar hij de Latijnse School bezocht. Daarna studeerde hij in Utrecht en Leiden en werd op z’n tweeëntwintigste predikant in Twisk. Daar bleef hij tot zijn dood in 1725.

Een paar jaar na Walingius’ overlijden, in 1728, drukte Nicolaas Mol de bundel met vijfendertig preken. Om ‘… als een Gouden Kleinoot bewaard en dagelijks gelezen te worden, zijn heilzame lessen op te volgen, en zijn voetstappen na te wandelen …’, zoals Walingius’ zwager Theodorus Houtkoper in het voorwoord schrijft. Het is een zeldzame uitgave: alleen te vinden in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag en in de bibliotheek van de Vrije Universiteit Amsterdam - het exemplaar van de Koninklijke Bibliotheek is in z’n geheel gedigitaliseerd door Google Books en te vinden op internet. De preken hebben titels als Henochs wandel met Godt, Sout-pylaer in Loths wyf opgeregt, Planten van Godts huis en Het eten van den boom des levens, en zijn tegenwoordig alleen nog leesbaar voor de echte doorzetter. Het bijzondere van het boek voor ons is dat het gedrukt is door een Alkmaarse boekdrukker van wie niet veel boeken bewaard zijn gebleven.

Alkmaar telde in de periode tot 1800 zo’n tachtig boekdrukkers en/of boekverkopers. Dat was vergelijkbaar met steden als Hoorn en Enkhuizen, maar een heel stuk minder dan bijvoorbeeld Amsterdam waar ruim 2400 bedrijven gevestigd waren. De boekproductie van de drukkers liep erg uiteen. Van een deel van de tachtig Alkmaarse boekdrukkers kennen we maar een enkele titel, terwijl de grootste, stadsdrukker Jacob Maagh, tussen 1741 en 1771 ruim 218 titels drukte. Dit alles voor zover we weten, we kunnen alleen afgaan op de boeken die bewaard zijn gebleven.

De meeste drukkerijen in Alkmaar waren gevestigd in de Langestraat, aan de Platte Stenenbrug bij de Vismarkt, aan de Houttil, het Verdronkenoord en de Mient. De panden droegen beeldende namen zoals De Vinder van de Drukkunst, De Gekroonde Waarheid, De Koninklijke Profeet David, De Beslagen Bijbel of De Stapel Papieren.

Adres van Drukker Nicolaas Mol

Het pand waarin het bedrijf van Nicolaas (of Klaas) Mol was gevestigd heette De Nieuwe Drukpers. Op de titelpagina van enkele van zijn boeken staat het als volgt vermeld: ‘Gedrukt by Niklaas Mol, Boekdrukker en Verkooper, over de Platte Steene Brug, in de Nieuwe Druk-Pars’. (Destijds heette de brug over de Mient de Platte Stenenbrug, tegenwoordig wordt de brug om de hoek, over het Verdronkenoord zo genoemd.) Mol woonde op stand, naast de Alkmaarse burgemeester Aris van der Mieden. Het huis aan de Mient, nu nummer 33, is beter bekend onder de naam De Zijdeworm. In 1672 had de toenmalige eigenaar, een zijdekoopman, een gevelsteen met een zijderups laten aanbrengen. 

Mient 33 in 1985 De gevelsteen met de zijderups
Mient 33 in 1985 De gevelsteen met de zijderups

Van Nicolaas Mol zijn in Nederlandse bibliotheken vijfentwintig uitgaven bewaard gebleven, gedrukt tussen 1712 en 1728. De onderwerpen zijn heel divers, hij drukte zangbundels, gelegenheidsgedichten, boeken over geschiedenis en over het geloof. Enkele boeken hebben te maken met gebeurtenissen in Alkmaar en het Noorderkwartier, zoals Simon Eikelenbergs Gedaante en gesteldheid van Westvriesland uit 1714 en een Alkmaars liedboekje (1721). Ook mengde hij zich in een kwestie die in 1727 speelde: de Alkmaarse organist Gerardus Havingha renoveerde het orgel in de Grote Kerk op een manier die veel kritiek kreeg. Nicolaas drukte de pamfletten van twee van Havingha’s tegenstanders, Jacob Wognum en Eneas Veldcamps. Daarnaast drukte hij verschillende teksten van de Alkmaarse dichter Gerard Kempher die ook conrector van de Latijnse School was. 

Titelpagina: Alkmaars Liede-Boekje

Het Alkmaars liedboekje uit 1721. Het meet 8 bij 5 cm.

Van elk van de vijfentwintig titels zijn maar heel weinig exemplaren in bibliotheken terug te vinden, soms maar één of twee. Alleen Gedaante en gesteldheid van Westvriesland is in grotere aantallen bewaard gebleven, ook in het Regionaal Archief. Dit boek heeft op de titelpagina ook het mooiste drukkersmerk: een mol in een berglandschap, met daaronder een Latijnse spreuk die zoiets betekent als ‘wat het volk drukt geeft voedsel’.

Drukkersmerk Klaas Mol, met mol

Drukkersmerk Klaas Mol

Met de verwerving van Walingius’ Keur van Bybel-stof hebben we nu tien uitgaven van Nicolaas Mol in de collectie. Ze geven samen een mooi beeld van de gevarieerde boekproductie van deze Alkmaarse drukker.

 

Artikel geplaatst: juni 2016


De Tweede Wereldoorlog in het Noorderkwartier

De bibliotheek van het Regionaal Archief heeft een grote collectie boeken over de Tweede Wereldoorlog, zowel over de Nederlandse geschiedenis als over de oorlog in onze omgeving. Een selectie van boeken die zich afspelen in het Noorderkwartier is te vinden op onze website.

Elk jaar weer verschijnen er nieuwe boeken over de Tweede Wereldoorlog. Vaak bevatten ze nieuwe geschiedenissen en verhalen, maar soms ook worden onderwerpen met nieuwe inzichten beschreven. Hieronder een kleine greep uit de titels die in 2015 en 2016 uitkwamen.  

helderseoorlogswondenEen uitgebreid artikel over de Slag bij Rustenburg op 11 oktober 1944, geschreven door Theo Hollenberg, verscheen in ‘Geschiedenis van Ursem’, de uitgave van de Historische Kring Ursem (jaargang 36, 2016). In hetzelfde nummer beschrijft Nico Mulder het neerstorten van een Engelse bommenwerper in de Mijzerpolder op 22 juni 1943.  

Ger Lemson verzamelde gegevens van Helderse Joden die zijn omgekomen in concentratiekampen. Deze uitgave verscheen onder de titel ‘Geboren in Den Helder en omgekomen in de concentratiekampen’, als themanummer van NoordKopstukken, het tijdschrift van de Helders afdeling van de Nederlandse Genealogische Verenging (jaargang 29, 2015, nummer 2).

Ook de Helderse Historische Vereniging bracht een themanummer uit van hun blad Levend Verleden getiteld ‘Helderse oorlogswonden’ (jaargang 27, 2015, nummer 3-4).  

warmenhuizen pronkDirk Pronk verzorgde de uitgave van een fotoalbum met foto’s, gemaakt door Cees Roozendaal, van de bevrijdingsoptocht in Warmenhuizen in augustus 1945 onder de titel: ‘Warmenhuizen, bevrijdingsfeest 1945’ (Warmenhuizen, Gerja, 2015).

‘Heiloo in oorlogstijd 2’ (2015) is een vervolg op het eerste deel uit 2011, geschreven door Jaap de Graaf en Josta de Graaf-Gieltjens. Het bevat onder andere informatie afkomstig uit het archief van de Binnenlandse Strijdkrachten in Heiloo en Egmond. 

Ook over Texel verschenen nieuwe boeken: ‘Duitse bunkers op Texel : Stützpunktgruppe Texel 1940-1945’ van Paul Dijkstra (Drachten, 2015) en

‘De Georgische muiterij op Texel, april-mei 1945 : een miltair-historische gids’ door Serge Blom en Rolf de Winter. Hierin worden achttien locaties op Texel beschreven waar in het voorjaar van 1945 de opstand van Georgische soldaten tegen de Duitse bezetters zich afspeelde (Franeker, van Wijnen, 2016).  

muiterijgeorgiersNaast deze regionale uitgaven verschenen ook nieuwe boeken over Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Enkele voorbeelden:

'101 vrouwen en de oorlog’, samengesteld door Els Kloek, bevat biografieën van vrouwen die een rol speelden in de Tweede Wereldoorlog. Het boek werd aangeboden aan Marjan Schwegman bij haar afscheid als directeur van het NIOD en als hoogleraar aan de Universiteit Utrecht. (Bilthoven, Stichting 1001 Vrouwen, 2016).  

De afscheidsrede van Marjan Schwegman - woonachtig in Alkmaar - uitgesproken op 18 februari 2016 werd door het NIOD uitgegeven: 'De wapens van het verzet : geweld, geweldloosheid en gender in de strijd tegen onderdrukking en vervolging'. 

Over de problemen die een rol spelen bij het vaststellen van aantallen slachtoffers verscheen in 2015 een uitgave van het Nationaal Comité 4 en 5 mei: 'De doden tellen : slachtofferaantallen van de Tweede Wereldoorlog en sindsdien' (interviews: Renske Krimp).   

In 'Vergeet niet dat je arts bent : Joodse artsen in Nederland 1940-1945' beschrijft Hannah van den Ende de lotgevallen van deze artsen, hun dilemma’s en ervaringen (Amsterdam, Boom, 2015).

 

wapensvanhetverzet schwegman

     vergeetnietdatjeartsbent vandenende

 artikel geplaatst: mei 2016 


Een Texelaar per fiets de wereld in - hoe Siem de Waal dankzij Esperanto moeiteloos contacten legde

1klaarvoorvertrekTexel heeft zich als laatste gemeente in de Kop van Noord-Holland aangesloten bij het Regionaal Archief. Ook voor onze bibliotheek houdt dat in dat Texel nu officieel tot het verzamelgebied behoort. Gelukkig heeft de bibliotheek, hopend op een toekomstige aansluiting, al sinds jaren boeken over Texel in de collectie opgenomen. Het feit dat de bibliothecaris op het 'Gouden Boltje' geboren en getogen is heeft hier natuurlijk flink aan bijgedragen. 

Als we in de catalogus het woord Texel als zoekterm invoeren verschijnen er ruim 300 titels, variërend van omvangrijke standaardwerken tot tijdschriftartikelen over heel uiteenlopende onderwerpen. De oudste uitgave over Texel is Privilegien en handtvesten der stede en des eilands van Texel uit 1745; de laatste aanwinst is uitgegeven in 2015. Tussen deze uitersten vinden we uitgaven uit de achttiende en de negentiende eeuw en, de meeste, uit de twintigste eeuw.
De Texelcollectie in de studiezaalOver alle denkbare Texelse onderwerpen is wel een boek of artikel te vinden: over de geschiedenis, natuur en land-schap, archeologie, boerderijen, jutters, bedrijven en verenigingen, de visserij, het toerisme, het bestuur, de TESO, dorpen en buurtschappen, scholen, de Russenoorlog, het Tessels en ga zo maar door. Voor wie zich voor het eerst in de Texelse geschiedenis wil verdiepen staat op de Texel-pagina een handig lijstje met de belangrijkste literatuur. En natuurlijk staat een selectie van de boeken in de studiezaal bij de regionale collectie. 

Vriend Max met fiets en kameel op de omslag van het boekje "Met een Texelaar per fiets naar Noord-Afrika"Soms vinden we boeken op onverwachte plaatsen. Zo kochten we op een tweedehandsboekenmarkt in Lochem voor een euro een boekje met de intrigerende titel Met een Texelaar per fiets naar Noord-Afrika. Voorop een foto van een jongeman met fiets naast een kameel. De schrijver is Texelaar Siem de Waal, metselaar van beroep. Siem kreeg al op jonge leeftijd interesse voor de wereldtaal Esperanto, aan het einde van de negentiende eeuw ontwikkeld door de Poolse arts Zamenhof. Deze ging er vanuit dat zijn kunstmatige taal voor alle volkeren op de wereld gemakkelijk te leren zou zijn en dat iedereen met deze gemeenschappelijke, politiek neutrale taal op gelijke voet met elkaar zou kunnen communiceren, waarmee de wereldvrede dichterbij zou komen. Op Texel ontstond in de jaren dertig een bloeiende Esperanto-beweging. In mei 1935 werd op initiatief van de broers Johan en Gijs Duinker een Esperantomonument opgericht aan de Kogerstraat in Den Burg. Johan was boekhandelaar en Gijs leidde de drukkerij waar de Texelsche Courant werd gedrukt. De metselaar van het monument was Siem de Waal. Al in 1933 was Siem, 19 jaar oud, naar Keulen gefietst om daar het Esperanto-wereldcongres bij te wonen. Het jaar daarop fietste hij naar het congres in Stockholm. En op 21 juli 1935 vertrok hij voor een grote reis door Europa en Noord-Afrika, op een door Union gesponsorde fiets, met banden die door de Radium bandenfabriek waren verstrekt.

Kaart uit het boekje "Met een Texelaar per fiets naar Noord-Afrika"

 

Siem en Max in Noord Afrika (verslag in de Texelsche Courant)De reis voerde vanaf Texel door Duitsland, Zwitserland, Italië (waar op dat moment het jaarlijkse wereldcongres plaatsvond), Tunesië, Algerije, Spanje, Andorra, Frankrijk, Monaco en weer noordwaarts door Italië, Oostenrijk, Hongarije, Tsjecho-Slowakije en Duitsland. Op 27 oktober arriveerde hij, 11.000 kilometer in de benen, weer op Texel. Voor de Texelsche Courant schreef Siem tijdens zijn reis uitgebreide verslagen van zijn belevenissen. De mensen, de landschappen, de dorpen en steden die hij onderweg aandeed beschrijft hij met veel interesse. Een deel van de tocht fietste een Weense Esperanto-vriend, Max Frey, met hem mee. Overal op zijn reis bezocht Siem mede-Esperantisten, bij wie hij onderdak vond en met wie hij probleemloos gesprekken kon voeren. Vaak hield hij voordrachten voor de plaatselijke Esperanto-vereniging, wat soms ook wat geld opleverde.  

Advertentie in de Texelsche Courant, 24 augustus 1935De verslagen in de krant werden met belangstelling door de Texelaars gevolgd, en bij zijn thuiskomst op 27 oktober werd hij door een flinke menigte bij de haven van Oudeschild opgewacht. Na een welkomstwoord van de voorzitter van de Texelse Esperanto Federatie ging het huiswaarts. Ook langs de weg naar Den Burg stonden ondanks de regen veel belangstellenden: het was een "blijde incomste", aldus de krant. "De Union-fiets heeft zich buitengewoon gehouden; de Radiumbanden kunnen zelfs nu, na zooveel K.M. oer-slechte wegen, nog een aardig eindje mee". Zowel bij vertrek als bij aankomst verscheen er in de Texelsche Courant een gedicht van dichter Huib de Rijmelaar, oftewel Huib Fenijn, die als een soort stadsdichter avant la lettre regelmatig de krant opluisterde met zijn poëzie. 

Advertentie in de Texelsche Courant, 20 april 1935Na zijn terugkeer hield Siem overal lezingen over zijn reis. Niet alleen op Texel, maar ook aan de 'overkant', waarbij hij enthousiast propaganda maakte voor het Esperanto. "De heer De Waal (…) legde er in het bijzonder den nadruk op, dat hij, dank zij zijn kennis van Esperanto zich gemakkelijk onder de vreemde volken kon bewegen, en zich daarom tijdens zijn reis niet alleen Nederlander, maar ook wereldburger heeft gevoeld", aldus de Gooi- en Eemlander van 29 januari 1936 na een optreden in Hilversum. 

Het profiel van dr. Zamenhof op het Esperantomonument in Den BurgSiems belevenissen werden gebundeld in het boekje dat, net als de Texelse Courant, in onze bibliotheek bewaard wordt. Daarnaast bevat de bibliotheek veel boeken over Esperanto. Ook in de archieven is informatie te vinden over de Esperanto-verenigingen in onze omgeving. Een bijzondere Esperantocollectie is afkomstig van de Bergense advocaat F. Zeiler, die zelf een actief Esperantist was. Op de website Oneindig Noord-Holland is een artikel te lezen over de Esperantoverenigingen in de regio

Het Esperantomonument in Den Burg werd in 1941 op last van de Duitse bezetter afgebroken. Gelukkig konden onderdelen zoals het stenen profiel van dr. Zamenhof worden veiliggesteld. In 1950 werd het herbouwd. Vorig jaar werd het monument na jaren van verwaarlozing weer in ere hersteld door de gemeente, dankzij de inspanningen van actievoerende omwonenden. Het is nu weer in volle glorie te bewonderen.

 

artikel geplaatst: februari 2016 



De afzetter: een bijzonder ambacht in de Gouden Eeuw

Afzetter klinkt in onze oren niet erg betrouwbaar, maar in de zeventiende eeuw was het een eerzaam en bijzonder kunstzinnig beroep. Het mooiste werk van deze 'afsetters' en 'meester-afsetters' is tot en met januari 2016 te zien in de tentoonstelling 'Op zoek naar Van Santen & de kleuren van de Gouden Eeuw' (Bijzondere Collecties, Oude Turfmarkt 129, Amsterdam).

Kleurenstaalkaart uit de aantekeningen van EikelenbergDe zeventiende eeuw was een periode in Nederland met een enorme productie van boeken, atlassen en prenten. De boeken en illustraties werden in zwart-wit gedrukt - pas in de negentiende eeuw zou de kleurendruk echt tot ontwikkeling komen. Daarom werd er een beroep gedaan op kunstenaars die de boeken, kaarten en prenten stuk voor stuk met de hand inkleurden. Dat gebeurde in opdracht van drukkers maar ook van kopers, vooraanstaande burgers en adellijke personen die graag mooie en kostbare boeken aan hun verzameling toevoegden. Op de kaarten in de atlassen werden de grenzen van gebieden met gekleurde lijnen aangeduid, of 'afgezet'. Ook in de andere illustraties, vignetten en versieringen werden de prachtigste kleuren en zelfs goud of zilver aangebracht. Sommige verven en pigmenten die de afzetter gebruikte waren dan ook zeer kostbaar. De kleuren in de boeken en prenten zijn ook nu nog prachtig om te zien, alsof ze pas zijn aangebracht. Omdat de boeken dichtgeslagen in bibliotheken en archieven zijn bewaard heeft de tijd er geen invloed op gehad.

Over wie deze kunstenaars waren is niet veel bekend. In tegenstelling tot kunstschilders signeerden zij hun werk niet. De weinige informatie die we hebben komt uit rekeningen en opdrachten die in archieven bewaard zijn gebleven. Centraal in de tentoonstelling staat de Amsterdamse ‘meesterafzetter’ Dirk Jansz. van Santen (1637–1708). Hij is een van de weinigen die we van naam kennen, en waarvan werken bekend zijn. Hij werkte voor opdrachtgevers in binnen- en buitenland. Ook werk van andere, onbekende afzetters is in de expositie te zien. De boeken en prenten komen uit nationale en internationale collecties. Ook het Regionaal Archief Alkmaar behoort tot de bruikleengevers met, onder andere, een kleurenstaalkaart die bewaard wordt in de collectie aantekeningen van de Alkmaarse geschiedschrijver Simon Eikelenberg (1663-1738). Op deze kleurenkaart worden 24 kleuren getoond, met daarnaast de mooiste benamingen zoals dracke bloet ende lack, fermilyoen, sipel groen, lamp swardt en donckere schijttgel. Het kaartje is afkomstig uit een werkboekje van Jan Dirksz. Zoutman (1617/18-1679) die als afzetter begon en later kaartenmaker en landmeter in Alkmaar werd. In het boekje staan voorschriften voor het maken en gebruiken van de kleuren genoteerd.


Kaart van de 40-jarige reis door de woestijnDe tentoonstelling toont ook bijbels met prachtig ingekleurde kaarten. Een soortgelijke bijbel, met vergelijkbare 'afgezette' kaarten wordt bewaard in de bibliotheek van het Regionaal Archief Alkmaar. Het betreft hier de kanselbijbel uit de Grote Kerk in Alkmaar. Deze bijbel, in 1663 gedrukt door de Leidse firma Elzevier, is in 1995 vanuit de Grote Kerk overgebracht naar het Regionaal Archief. De bijbel bevat een serie van zes kaarten die vanaf 1657 door Nicolaes Visscher zijn gedrukt: een wereldkaart, een kaart met de ligging van het Paradijs, een kaart van de 40-jarige reis door de woestijn, een kaart van Jeruzalem, een kaart van het Beloofde Land en een kaart van de zendingsreizen van de apostel Paulus.

Titelvignet woestijnreis

De kaarten, met een afmeting van 30 bij 47 cm zijn heel gedetailleerd met prachtige kleuren ingekleurd door een ons onbekende afzetter. Ook hier lijkt het alsof de kleuren net zijn aangebracht, het bladgoud schittert ons tegemoet.

 

 

Afbeeldingen rechts: kaart woestijnreis en titelvignet 

 

Op de kaart van het Paradijs zien we de stad Babel, gelegen aan de rivier de Eufraat, in het huidige Irak. De Toren van Babel steekt er bovenuit, een stipje bladgoud is in het midden van de stad aangebracht. Vlak daarbij ligt ' 't Lusthof ofte 't Paradys', met Adam en Eva onder de bomen, een detail dat met het blote oog haast niet te onderscheiden is. De werkelijke afmeting van het getoonde kaartfragment is 5 bij 7 cm.

paradijsdetail

De naam van de ontwerper van de kaarten, Nicolaes Visscher, is op verschillende manieren aangegeven. Voluit, als monogram, of door middel van een afbeelding van een visser in een onopvallend hoekje. Ook deze figuurtjes zijn prachtig ingekleurd.

visserparadijs visserbeloofdeland

De Alkmaarse kanselbijbel kan helaas niet ter inzage gegeven worden in de studiezaal van het Regionaal Archief. Het formaat, 53 bij 36 centimeter en 17 centimeter dik en het gewicht van bijna 18 kilo maken het hanteren tot een hachelijke klus waarbij het boek veel te lijden heeft. Gelukkig zijn de kaarten gedigitaliseerd waardoor we ze goed kunnen bekijken. Door in te zoomen worden de kleinste details zichtbaar en is te zien hoe nauwkeurig de afzetter heeft gewerkt. Ook zijn er mooie afdrukken van de kaarten gemaakt die in de studiezaal bekeken kunnen worden. Voor wie het echte werk van de afzetters wil zien biedt de expositie in Amsterdam een unieke kans. De tentoongestelde werken zullen na afloop weer voor lange tijd veilig opgeborgen worden in de collecties in binnen- en buitenland.

Bij de tentoonstelling verscheen het boek 'Afsetters en meester-afsetters': de kunst van het kleuren 1480-1720 van Truusje Goedings (Nijmegen, Vantilt, 2015). Zij schreef ook het artikel Dirk Jansz van Santen, 'meester-afsetter' in De Boekenwereld, jaargang 31 (2015), nummer 3. Over de Alkmaarse kanselbijbel verscheen het artikel De kanselbijbel uit de Grote of Sint Laurenskerk te Alkmaar door Marijke Joustra, in Oud Alkmaar, jaargang 26 (2002), nummer 1.

artikel geplaatst: november 2015 


 

Van balhoofdplaatjes en kuisheidsvlinders … 
De geschiedenis van de fiets 

Ons stalen ros : Nederland wordt een land van fietsers, 1820-1920 / Kaspar Hanenbergh en Michiel Röben, fotografie Pepijn Janssen. - Utrecht, Ons Stalen Ros, 2015. 308 pagina's. ISBN 978-90-820711-1-5 

Nederland is het enige land ter wereld met meer fietsen dan mensen. De fiets is hèt symbool van Nederland, met de tulp, de klomp en de molen. Sinds eind negentiende eeuw is hij niet meer wezenlijk veranderd. En iedereen heeft er minstens één. We vinden hem zo vanzelfsprekend dat we er niet meer bij stilstaan. En over zijn geschiedenis weten we al helemaal weinig. 

Omslag van: Ons stalen ros / Kaspar Hanenbergh en Michiel RobenAan die onwetendheid hebben Kaspar Hanenbergh en Michiel Röben een eind gemaakt. Samen met fotograaf Pepijn Janssen maakten zij een boek over honderd jaar geschiedenis van de fiets in Nederland, van 1820 tot 1920. Een prachtige uitgave waarin de opkomst van de Nederlandse fietscultuur wordt geschetst aan de hand van dertig fietsmodellen. Van de houten loopfiets, via de vélocipède met zijn kleine achterwiel en grote voorwiel (men zat anderhalve meter boven de grond), tot de fiets zoals wij die nu nog kennen, allemaal worden ze besproken en, vooral ook, heel mooi in beeld gebracht. Veel aandacht is er ook voor de maatschappelijke en economische ontwikkelingen in deze periode waarin de opkomst van dit nieuwe vervoermiddel mogelijk werd. En omgekeerd speelde de introductie van het rijwiel ook een grote rol bij ontwikkelingen in de samenleving, zoals de vrouwenemancipatie. 

Aparte hoofdstukken zijn gewijd aan de belangrijkste Nederlandse rijwielfabrikanten, de reparateurs, de fietsersbonden, de dienstfiets, de fiets in het leger en, heel gewaagd in het begin, de vrouw op de fiets - voordat de fietsster algemeen geaccepteerd werd moest er heel wat strijd geleverd worden. De kuisheidsvlinder, een vaak mooi bewerkt metalen gewichtje, zorgde er voor dat de rok niet opwaaide. Alles is rijk geïllustreerd met foto's en afbeeldingen van fietsen, balhoofdplaatjes (het fabrieksmerkje op de buis onder het stuur), fietsclubs, fietsers op straat, fietsers trots poserend naast hun fiets, fietsreclames, affiches en advertenties.

 

De fiets in het Regionaal Archief Alkmaar 

Al bladerend en lezend rijst de vraag wat er in onze eigen collecties te vinden is over de fiets in deze periode tot 1920. Enig speurwerk levert veel materiaal op dat vergelijkbaar is met de illustraties in het boek. De beeldbank bevat mooie foto's van dorpsgezichten, straten en gebouwen waarop inwoners te zien zijn, met of op de fiets, en van rijwielhandels en reparatiewerkplaatsen.

In de kranten en adresboeken werd aan het eind van de negentiende eeuw al veel geadverteerd door fietsenverkopers en fietsenmakers. Rijwielfabrikanten uit binnen- en buitenland stelden vertegenwoordigers aan in Alkmaar, Den Helder, Schagen en Oudkarspel.

Ook in jeugdboeken uit het begin van de twintigste eeuw is de fiets nog heel bijzonder en voor een kind allerminst vanzelfsprekend. 

 

Fietsenzaak Peereboom in Nieuwe Niedorp; Simplex affiche links op de gevel

De rijwielzaak van H. Peereboom in Nieuwe Niedorp in 1900. Achter het raam een affiche van het fietsmerk Simplex: Snel, Sterk. Een afbeelding van dit affiche, in 1895 ontworpen door F. Hart Nibbrig, staat in 'Ons stalen ros'.

(Gemeentelijke fotocollectie Niedorp) 

 

 

 

 

 

 

Bonda : fietsers aan de Herenweg bij het Woud

Simplex affiche detailLinks een detail uit een foto van fotograaf A.J. Bonda. Fietsers aan de Herenweg bij het Woud, tussen Bergen en Egmond, rond 1914. De dame lijkt zo weggefietst van Hart Nibbrigs Simplex-affiche die op de foto hierboven is te zien.

(Negatievencollectie Bonda)

 

 

 

 

 

 

Transportfiets

Links op de foto een bijzondere transportfiets voor de melkhandel op de hoek van de Laat en de Boterstraat in Alkmaar, 1910.

(Collectie Regionaal Archief Alkmaar)

 

 

 

 

  

 

Marijtje, vroedvrouw uit Nieuwe Niedorp

Marijtje, vroedvrouw uit Nieuwe Niedorp, poseert rond 1900 met haar fiets met mooie gehaakte jasbeschermer.

(Gemeentelijke fotocollectie Niedorp)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Advertenties van vertegenwoordigers van rijwielfabrikanten uit binnen- en buitenland: 

Adresboek Alkmaar 1909 : Adler

 

 

 

 

 

 

Alkmaar (Adresboek Alkmaar 1909)

 

Whippet, advertentie Vliegend Blaadje 1888

 

 

 

 

 

 

 

Den Helder (Vliegend Blaadje 1888)

Advertentie Schager courant 1911 Fongers

 

 

 

 

Oudkarspel en Schagen (Schager Courant 1911)
(Collectie Regionaal Archief Alkmaar)

  

Omslag van: Hoe Jaap Bekkers een fiets kreeg / Chr. van Abkoude

In 'Hoe Jaap Bekkers een fiets kreeg' van Chr. van Abkoude krijgt Jaap een fiets als dank voor zijn hulp bij het ontmaskeren van een bende inbrekers. Een fiets was dus niet zo vanzelfsprekend voor een kind als nu! De omslagillustratie is van Jan Rinke.
Alkmaar, Kluitman, 2e druk, 1920.

 

(Kluitmancollectie Regionaal Archief Alkmaar)

 

 

 

 

 

 

Deze kleine keuze uit onze collecties laat zien dat ook in ons deel van Noord-Holland de fiets steeds belangrijker werd in het dagelijks leven, aan het einde van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. Dankzij het boek 'Ons stalen ros' krijgen we een goed beeld van de ontwikkelingen die hiertoe geleid hebben.

En voor wie, geïnspireerd door dit alles, zelf op de fiets stapt: de bibliotheek biedt een keur aan mooie fietsroutes.  

 Artikel geplaatst: september 2015


  

Een Statenbijbel uit Heiloo

"We hebben hier een oude Bijbel, is dat misschien wat voor jullie?" Aan de telefoon een medewerkster van activiteitencentrum Het Trefpunt in Heiloo. Zij is bezig met de voorbereiding van een tweedehands-boekenmarkt waarbij allerlei boeken worden verkocht die door inwoners van Heiloo zijn afgegeven. Deze Bijbel is misschien beter op z'n plaats in onze collectie? Hij is in slechte staat, aldus de Trefpunt-medewerkster. De band ontbreekt, het papier is verkleurd en beschadigd. Maar we nemen hem graag in ontvangst.

Titelpagina Statenbijbel 1718

Op de gegraveerde titelpagina staat: 'Biblia (…) Door last der Hoog-Mog. Heeren Staten Generael van de Vereenigde Nederlanden (…) Uyt de oorspronckelycke talen in onse Nederlandsche tale getrouwelyck overgeset'. Een Statenvertaling dus, de eerste werd in 1637 gedrukt. Deze Bijbel is uitgegeven in 1718 door een samenwerking van uitgevers uit Amsterdam en Rotterdam. 

Afbeelding: Titelpagina, 20 bij 32 centimeter (klik voor groot formaat) 

Bijbels zijn in de loop der eeuwen in alle soorten en maten gedrukt, voor kerkgenootschappen en voor particulieren, sober, of juist rijk geïllustreerd. In bijna elk huisgezin was na de Reformatie, begin zestiende eeuw, wel een exemplaar te vinden. Vooral van Statenbijbels zijn honderdduizenden exemplaren gedrukt.

Wie in onze bibliotheekcatalogus zoekt op het woord 'bijbel' vindt daar ruim 150 beschrijvingen. 70 daarvan zijn Bijbels, de andere boeken zijn Bijbelbewerkingen of studies over de Bijbel. De oudste Bijbel in de collectie is uitgegeven in 1480, de nieuwste is van 2010. Ze variëren van een klein zakbijbeltje tot de kostbare achtdelige Koningsbijbel op groot formaat, rond 1570 gedrukt door Christoffel Plantijn. De Bijbels zijn katholiek of protestants en geschreven in het Latijn, Grieks, Nederlands, Engels, Frans, Duits en zelfs in sms-taal. 

 

De hoofdletter P, met een voorstelling uit Handelingen 28:5Protestantse Bijbels werden zonder illustraties gedrukt, het Woord stond immers centraal. Alleen de hoofdletters aan het begin van een Bijbelboek waren soms versierd. Maar de koper kon er bij de boekbinder desgewenst platen in laten meebinden. Vooral Bijbels op het grote folioformaat werden op verzoek van de klant met een mooie boekband, soms met koperbeslag en met kaarten of prenten opgesierd. 

Afbeelding: De hoofdletter P, met een voorstelling uit Handelingen 28:5  

 

 

 

Beeldmerk Claes Jansz. VisscherDe Statenbijbel uit Heiloo is hier een mooi voorbeeld van. Hij bevat een aantal bladen met op elk blad acht prenten. Steeds is op een van deze acht het beeldmerk van Claes Jansz. Visscher te zien, de drukker in wiens opdracht de prenten werden gegraveerd.

 Afbeelding: Beeldmerk van Claes Jansz. Visscher 

  

Visschers leerling, Pieter Hendricksz. Schut, vervaardigde rond 1650 42 losse bladen met in totaal 336 prenten, elk 6,5 bij 9,5 centimeter. De prenten waren voor een deel nagegraveerd naar voorbeelden van eerdere ontwerpers maar Pieter Schut voegde ook eigen ontwerpen toe. De prenten van Schut waren een groot succes, ze werden in de zeventiende en achttiende eeuw vaak herdrukt en in Bijbels opgenomen. De prenten zijn genummerd in de rechter benedenhoek. Elke prent heeft een kort onderschrift met de vindplaats in de Bijbel. Soms vergiste de graveur zich: de afgebeelde scene op prent 89 komt uit het boek 1 Regum (Koningen) 2, vers 12 in plaats van vers 38.

Helaas zijn slechts 27 van de 42 bladen, met in totaal 207 prenten in deze Bijbel aanwezig. Een paar bladen liggen los en van sommige zijn zelfs prenten afgeknipt. Door de verkleuring van het papier zijn de voorstellingen hier en daar erg donker geworden en jammer genoeg heeft de boekbinder de bladzijden ruim afgesneden. In 1963 verscheen een deeltje in de serie Zwarte Beertjes van uitgeverij Bruna met alle 336 prenten en een toelichting van Victorine Bakker-Hefting. Hierdoor hebben we toch een beeld van de ontbrekende prenten. Dankzij de gravures van Pieter Schut en dankzij de goede gever is deze Heiloose Statenbijbel een mooie en interessante aanwinst voor onze Bijbelcollectie. 

Prent 89: 1 Koningen 2:12 Prent 92: 1 Koningen 3:26
Prent 89: 1 Koningen 2:12 (klik voor groot formaat) Prent 92: 1 Koningen 3:26 (klik voor groot formaat)

 

Artikel geplaatst: juni 2015 




De oorlogstekeningen van Henri Pieck

Begin 2015 kreeg het Regionaal Archief een bijzonder geschenk: een map met reproducties van tekeningen van de in Den Helder geboren kunstenaar Henri Pieck over zijn verblijf in het concentratiekamp Buchenwald. De map, uitgegeven in 1945 (Den Haag, Uitgeversmij Het Centrum) is afkomstig uit het bezit van Willem Pel, medegevangene van Pieck in Buchenwald. Diens zoon overhandigde ons deze prachtige aanwinst voor onze collectie, samen met enkele persoonlijke documenten van zijn vader.

 

Omslag van: 'Buchenwald' / Henri Pieck Tekening 'Het onbereikbare' / Henri Pieck
De omslag van 'Buchenwald' 'Het onbereikbare'

 

De map bevat acht gevouwen bladen met tekeningen die een beeld geven van het leven in het concentratiekamp. De gevangenen en de omstandigheden in het kamp zijn op indringende wijze weergegeven. De tekeningen hebben titels als 'Het onbereikbare', 'Wachtend voor het hospitaal' en 'In de steengroeve'. Na deze uitgave volgde een tweede map getiteld 'Verwoest Nederland' met tekeningen van in puin geschoten steden en overstroomde landschappen, onder andere van Den Helder en de Wieringermeer. De inleiding bij eerste uitgave is geschreven door prof. mr. R.P. Cleveringa die met Henri in de strafgevangenis van Scheveningen gevangen had gezeten. "De schetsen van Pieck […] zijn treffender en schrijnender dan vele verhalen tezamen". De tweede map wordt ingeleid door G. Ritmeester, burgemeester van Den Helder, die net als Pieck Buchenwald overleefde. Ook hij benadrukt het belang van de tekeningen als herinnering: "… opdat allen zullen beseffen hoe doelloos een oorlog is, zullen leeren dat een volk en een land alleen kunnen bloeien door de werken des vredes". De originele tekeningen zijn te zien in Oorlogsmuseum Overloon.

Tekening 'Den Helder ('t Hoofd)' uit: Verwoest Nederland Tekening 'In de Wieringermeer' uit: Verwoest Nederland
'Den Helder ('t Hoofd)' 'In de Wieringermeer'

 

Henri Pieck is nooit zo bekend geworden bij het grote publiek als zijn tweelingbroer Anton. De jongens werden op 19 april 1895 geboren in Den Helder. Zij waren zeer talentvolle tekenaars, al van jongs af aan. In 1906 verhuisde het gezin naar Den Haag waar de jongens, net als in Den Helder, tekenlessen volgden. Daar ontwikkelden zij elk hun eigen stijl. Anton was de rustige, burgerlijke van de twee, hij werd tekenleraar in Bloemendaal. Hij tekende ambachtelijk en sprookjesachtig.


Omslagtekening van Henri Pieck, 7e druk, 1940Henri was avontuurlijker en geïnteresseerd in politiek. Hij vond dat kunst in dienst moest staan van de strijd van de arbeidersbeweging. Hij werd communist, ontwierp affiches en tentoonstellingen en tekende illustraties en spotprenten voor links georiënteerde bladen. Daarnaast illustreerde hij veel kinderboeken, onder andere voor Uitgeverij Kluitman. Een aantal hiervan bevindt zich in de collectie van het Regionaal Archief. (afbeelding links: boekomslag van Henri Pieck, Uitgeverij Kluitman, 7e druk, 1940)

 

Rond 1930 ging Henri werken voor de Russische geheime dienst, iets wat hij jaren lang verborgen heeft gehouden voor de buitenwereld, ook voor zijn broer Anton. Aan het begin van de oorlog werd hij gearresteerd vanwege zijn betrokkenheid bij de vervaardiging van illegale bladen. Hij werd opgesloten in de strafgevangenis in Scheveningen en in kamp Amersfoort. In 1941 werd hij overgebracht naar concentratiekamp Buchenwald waar hij deel uitmaakte van de geheime onderlinge kampleiding. Hij overleefde het kamp mede dankzij zijn tekentalent. Henri Pieck overleed in Den Haag in 1972.  

Artikel geplaatst: april 2015 


 

'De witte wereld'
Wintertaferelen van Piet Worm

De winter van 2013-2014 was uitzonderlijk zacht. Sneeuw en ijs hebben we nauwelijks gezien, het was vooral zonnig en droog. Volgens het KNMI eindigt deze winter daarmee op een gedeelde tweede plaats in de rij van zachtste winters sinds 1706.

Hoe anders een winter eruit kan zien - en volgens sommigen eruit hoort te zien - is prachtig verbeeld in het prentenboek 'De witte wereld', in 1935 uitgegeven door de Alkmaarse uitgeverij Kluitman en onlangs aan onze Kluitman-collectie toegevoegd. De versjes in dit boek zijn geschreven door Riet van Buren, een pseudoniem van Maria Cornelia van Oven-van Doorn (1885-1957). Zij schreef boeken, gedichten en toneelstukjes voor kinderen. De Alkmaarse kunstenaar Piet Worm (1909-1996) maakte de vrolijke en kleurige illustraties.


Titelpagina: De witte wereld Illustratie uit: De witte wereld

 

  "Koud is 't buiten, geen klein beetje!
't Is de witte wereld, weet je."
 

Piet Worm was een zeer veelzijdig kunstenaar. Hij volgde opleidingen aan verschillende instituten voor kunstnijverheid en beeldende kunsten in Haarlem, Den Haag en Amsterdam. Eind jaren dertig trouwde hij met Tia Wiegman, dochter van de Bergense schilder Matthieu Wiegman. Piet Worm maakte affiches, muurschilderingen in kerken en scholen en glas-in-loodramen, onder andere voor het Murmellius Gymnasium in Alkmaar. Hij was werkzaam als architect, decor-ontwerper en illustrator. Hij werkte veel samen met schrijver en dichter Bertus Aafjes en illustreerde onder andere 'De vrolijke vaderlandse geschiedenis' ("dit werd gemaakt in fraaie vorm door Bertus Aafjes en Piet Worm").
Piet Worm schreef zelf ook kinderboeken die in vele talen werden vertaald. Hij was een groot voorstander van goede en goedkope boeken voor kinderen. Bekend zijn onder andere de serie 'De drie paardjes', zijn kinderbijbels en een gebedenboekje dat hij, overtuigd katholiek, weer samen met Bertus Aafjes maakte ("Kinderen bidt ook eens braafjes, voor Piet Worm en Bertus Aafjes"). In 1947 verscheen 'Het heldenlied van Jan en Piet', een verhaal over de belevenissen van twee Alkmaarse jongens in oorlogstijd. In 1986 illustreerde hij een geschiedenis van 't Hooge Huys in Alkmaar, geschreven door gemeentearchivaris Anton Fasel. Hij ontwikkelde in de loop der jaren een geheel eigen typografische stijl, waarbij hij de teksten in de boeken zelf kalligrafeerde.

 

Illustratie uit: De witte wereld

Copyright afbeeldingen Uitgeverij Kluitman

'De witte wereld' is een van de eerste kinderboeken die hij illustreerde. Naast winterpret worden ook andere kinderbelevenissen verbeeld. De zeven versjes hebben titels als 'Beukenootjes', 'Als ik jarig ben' en 'Brief aan Oma'. Elk versje heeft een illustratie op de tegenoverliggende pagina, in een voor die tijd vernieuwende en frisse vorm met heldere kleurvlakken. Een zeer aantrekkelijk prentenboek, ook voor de kinderen in onze tijd waarin wintertaferelen steeds schaarser worden!

Artikel geplaatst: maart 2015




Boekbeeld : de Amsterdamse School in omslagen en boekbanden.
Uitgave: Amsterdam, Museum Het Schip, 2014

108 Pagina's. ISBN 978-90814397-5-6

 

De Amsterdamse School was een idealistische beweging uit het begin van de vorige eeuw die de arbeider wilde verheffen door hem in aanraking te brengen met kunst en cultuur. De kunststroming had in de jaren 1910-1930 veel invloed op allerlei gebieden. Niet alleen op de architectuur, waarvan in onze regio veel voorbeelden zijn te vinden, maar ook op de beeldende kunst, keramiek en typografie. Er werden wijken gebouwd met goede en mooie woningen, die ook tot beter woongedrag moesten leiden. En daarbij hoorden ook goede, mooie en ambachtelijk vormgegeven boeken die het lezen moesten stimuleren.

Titelpagina: BoekbeeldOver deze boekbanden was tot en met 12 maart 2015 een tentoonstelling ingericht in Museum Het Schip in Amsterdam, met veel voorbeelden van boekomslagen in deze stijl. De tentoonstelling is zeer de moeite waard, evenals de tentoonstellingscatalogus "Boekbeeld: de Amsterdamse School in boekomslagen en boekbanden", een aanwinst in onze bibliotheek. Dit mooi uitgevoerde boekje bevat informatie over de Amsterdamse Schoolstijl en over de vormgevers van de boeken. Architecten en kunstenaars als Berlage, De Bazel, Jan Toorop en Fré Cohen maakten typografische ontwerpen in deze stijl. De catalogus is prachtig geïllustreerd met afbeeldingen van alle tentoongestelde boeken.

 

In onze regio is De Amsterdamse School volop zichtbaar in de architectuur. Het bekendste voorbeeld is Park Meerwijk in Bergen. Ook in Alkmaar zijn gebouwen in deze bouwstijl te vinden zoals het Karenhuis aan de Krelagestraat en het logegebouw van de Vrijmetselaren aan de Gedempte Nieuwesloot. Het pand van V&D aan de Laat is een voorbeeld van late Amsterdamse Schoolstijl. Daarnaast hebben veel woonhuizen uit het begin van de vorige eeuw kenmerken van deze bouwstijl.


Ontwerp stadswapen Alkmaar van Fré CohenDe Amsterdamse kunstenares Fré Cohen (1903-1943) ontwierp boekomslagen en verzorgde de grafische vormgeving voor verschillende instellingen en organisaties. De stijl van haar ontwerpen vertoont de kenmerken van de Amsterdamse School, maar ook van verwante stijlen zoals de Nieuwe Zakelijkheid, met zijn strakkere vormen en sprekende kleuren. Een prachtig voorbeeld daarvan is haar ontwerp van een gestileerd stadswapen voor Alkmaar en een nieuw omslag voor het jaarverslag van de gemeente Alkmaar.

 

De opvattingen van de Amsterdamse School en verwante stromingen uit die periode over het vormgeven van boeken zijn nog steeds actueel. Juist in deze tijd van digitalisering en e-readers is een mooie en ambachtelijke vormgeving van belang voor het behoud van het boek in de toekomst.

Meer informatie over de Amsterdamse School in regionale tijdschriften.

Artikel geplaatst: februari 2015